De brief van Einstein aan Roosevelt

In de Verenigde Staten besluiten de geëmigreerde wetenschappers de Amerikaanse overheid te waarschuwen. Toch was het doorzettingsvermogen van Léo Szilard, Edward Teller en Eugene Wigner (Hongaarse joden) nodig om Einstein over te halen op 2 augustus 1939 de brief te ondertekenen die ze hadden opgesteld om President Franklin Roosevelt te overtuigen van de gevaren van de atoombom.


Roosevelt antwoordt Sachs Alexander, privé adviseur van de president: "We moeten handelen". Na dit communiqué speelt Einstein geen enkele rol meer in dit atoomproject ook al komt deze energie voort uit zijn beroemde E = m.c². In augustus 1939 creëert Roosevelt het "Uranium Committee" dat beschikt over een budget van 6.000 dollar. De gevluchte Italiaanse natuurkundige Fermi bouwt een eerste prototype van een kernreactor, de zogenaamde atoomstapeling waarin hij lagen grafiet en uranium op elkaar stapelt om de kettingreactie te testen. Begin 1941 tonen Otto Frisch en Fritz Peierls in Engeland via een berekening aan, dat een heel zwakke hoeveelheid uranium 235 een explosie kan veroorzaken gelijk aan duizenden tonnen TNT (trinitrotolueen, de krachtigste chemische springstof).


Op 7 december 1941 vernietigen de Japanners de Amerikaanse vloot in Pearl Harbor; de 9e doen de Verenigde Staten mee aan de oorlog; op 16 december besluit Roosevelt de atoombom te gaan ontwikkelen. Enorme middelen worden vrijgemaakt, het project zal 2 miljard dollar kosten.

Imprimer De brief van Einstein aan Roosevelt

Info horaires